27-05-15

Water drinken! Hoe, wanneer en hoeveel!

Er bestaan nogal wat misverstanden rond het drinken van water. De hype om dagelijks twee à drie liter water te drinken waait stilaan over, want we zien steeds minder mensen op straat met een flesje krampachtig in de hand. Het misverstand is echter gebleven. We gaan even in op de veel gestelde vraag: moet men voor, tijdens of na het eten drinken? Als we beseffen wat water is en weten hoe onze maag is gebouwd en functioneert, lijkt het echt niet moeilijk om te beseffen dat het niet zoveel uitmaakt wanneer men drinkt. Water is geen voedingsmiddel omdat het geen nutriënten bevat, geen calorieën levert en niet wordt verteerd. Water is een oplosmiddel, een spoel- en verdunningsmiddel, heeft een neutrale zuurgraad en daardoor weinig invloed op andere substanties. Water is niet vergelijkbaar met frisdrank omdat daar andere stoffen zoals industriële suikers, zoetstoffen, voedingsadditieven (kleur- en smaakstoffen, bewaringsmiddelen enz.) aan zijn toegevoegd. Frisdrank is betrokken bij het verteringsproces en kan door zijn specifieke samenstelling de vertering in de war brengen.

 

Water bevat, afhankelijk van de bron, weinig of veel inactieve mineralen, d.w.z. mineralen die niet deelnemen aan de vertering of de stofwisseling, maar via de nieren worden uitgescheiden. Alleen actieve mineralen binnen een organische structuur zijn opneembaar zoals de mineralen in een voedingsmiddel. Inactieve mineralen kunnen in zekere mate de nieren belasten, vandaar dat de hoeveelheid op het etiket vermeld staat als ‘droogrest bij 180°C.’ Een goed bronwater heeft een lage droogrest. Op het etiket van goedkoop bronwater staat meestal niets vermeld omdat de klant het anders in de rekken laat staat.

 We geven enkele cijfers weer:

Spa, blauw

33 mg/liter

Spa, groen

80 mg

Spa, rood

 

Kraanwater wordt vaak aanbevolen als een gezond en goedkoop alternatief, maar we beschikken over geen enkel gegeven in verband met droogrest, toegevoegde additieven of over de kwaliteit van de leidingen. In Belgisch-Limburg vloeit kraanwater nog steeds door 2.731 km asbestcementleidingen. Er is altijd wel een professor te vinden die een geruststellend antwoord weet te formuleren zoals Prof. Lode Godderis van het departement Maatschappelijke Gezondheidszorg (KUL) die zegt: ‘De meeste studies vinden geen link tussen de orale inname van asbestdeeltjes en kanker.’ Een vreemd antwoord als we weten dat bouwvakkers verplicht zijn witte pakken en maskers te dragen om asbest in gebouwen te verwijderen.

 

Drinken op een lege maag

Als we op een lege maag drinken, vloeit het water via de maagstraat weg naar de dunne darm. Er is immers geen fysiologisch verband tussen het drinken van water en de maagwerking. De binnenkant van de maag heeft een gestructureerd oppervlak dat bedekt is met maagslijmvlies om de maaginhoud goed tegen de wand te drukken en tijdelijk vast te houden. Aan de kleine maagbocht (curvatura minor) zijn er overlangse plooien die deel uitmaken van de maagstraat, dit is een gleufachtige groef waar langs het water wegvloeit. Als we drinken voor het eten, is de maag meestal leeg en loopt het water via de maagstraat weg. Het water komt in de dunne darm terecht en zal zich vermengen met de vloeibare darminhoud zodat de verteerde bestanddelen gemakkelijker door de darmvlokken geabsorbeerd worden. Er is geen enkel bezwaar om water te drinken op de nuchtere maag of voor het eten. De bewering dat daardoor de maagsappen verdund geraken, is onjuist. Het stimuleren van de maagsappen berust op heel andere fysiologische en neurologische processen.

 

Drinken tijdens het eten

Als je drinkt tijdens het eten kan het water niet of moeilijk langs de maagstraat wegvloeien en vermengt zich met de maaginhoud. Uit de voedingsfysiologie weten we dat waterrijk voedsel goed verteert omdat de nutriënten dan niet geconcentreerd zijn. Het eten van een sappige vrucht verteert veel gemakkelijker dan noten of peulvruchten met hun hoge concentratie aan eiwit en weinig water. Hetzelfde kan gezegd worden van boterhammen of pasta. Het drinken tijdens het eten heeft het grote voordeel dat de maaginhoud aanvankelijk vloeibaarder wordt en daardoor gemakkelijk gekneed wordt. Hou er rekening mee dat drinken bij het eten de vertering niet kan verstoren om de eenvoudige reden dat in een verder kneedproces de vloeistof zich van de vaste stoffen scheidt zodat het water wordt afgevoerd. Als wij soep eten loopt het water van de soep langs de kleine maagbocht door de maagstraat naar de maaguitgang. Een vloeistof zoekt altijd de kortste weg. Het wegvloeien van het vocht (water of vocht van het voedsel) brengt de maaginhoud tot een vastere consistentie waardoor de kneedbaarheid in het antrum, dit is de plaats in de maag waar de eindvertering plaats vindt, zeer grondig gekneed wordt.

Het is algemeen bekend dat het soppen van een boterham ongezond is, maar dat heeft een andere reden. Het zetmeel van graan moet men in de mond goed kauwen en met speeksel vermengen zodat het speekselenzym ptyaline (amylase) voor een voorvertering zorgt. Het is niet aan te raden om bij het kauwen van een graan- of broodmaaltijd te drinken omdat dan de kans groot is dat het voedsel uit de mond wordt gespoeld of het speeksel te sterk wordt verdund. Sopt men de boterham dan kan men niet meer kauwen en vindt er geen voorvertering plaats zodat het zetmeel achteraf minder goed verteerd. Water drinken tijdens het eten heeft een positieve invloed op het verteringsproces. Uit onwetendheid en een gebrek aan inzicht in de verteringsfysiologie durven sommige mensen tijdens het eten niet te drinken en dat is jammer.

 

Drinken op volle maag

Wat gebeurt er als je drinkt op een volle maag? Als de maag flink gevuld is, vooral bij een zware maaltijd, kan het water nergens naar toe en blijft het in de fundus achter en zorgt daar voor een klotsend gevoel. Bij een minder zware maaltijd of na een uur komt er meer ruimte vrij en vermengt het water zich met de maaginhoud. Daardoor verbetert zich de vertering net zoals je water drinkt tijdens het eten. Drinken op een lege maag, tijdens of na het eten heeft een gunstige invloed op de kwaliteit van de vertering. Wees voorzichtig met extreme standpunten in te nemen die op niets zijn gebaseerd en de gezondheid niet bevorderen. Kies zelf het moment waarop je graag drinkt, maar beperk je tot het drinken van water. Het maakt niet uit of je platwater of water met natuurlijk of toegevoegd koolzuur drinkt. Koolzuur heeft niets met verzuring te maken en heeft geen invloed op het zuur-base evenwicht. Het koolzuur zet zich om in zuurstof. Koolzuurhoudend bronwater geeft een sprankelend mondgevoel, dat sommige weten te waarderen. Verder zijn er geen voor- of nadelen aan verbonden. Andere dranken gebruikt u best buiten de maaltijd, maar geef de voorkeur aan gezonde drank.

 

De hoeveelheid water op een dag

Er is maar één vaste regel: drink als je dorst hebt. Het is moeilijk om een algemene regel in te voeren. Sommige mensen gebruiken medicijnen, eten geconcentreerd voedsel vaak met pikante specerijen, bezitten een hoge concentratie aan homotoxines, drinken alcoholische dranken en hebben dus veel door te spoelen. Veel drinken is voor hen de boodschap. Zij, die zware fysieke inspanningen doen of extreem sporten, zweten veel en moeten meer drinken om hun waterhuishouding in balans te houden. Mensen die zich gezond voeden met waterrijk voedsel en over een goed biologisch evenwicht beschikken, hebben minder behoefte om te drinken.

13:49 Gepost door Jan Dries in Gezondheid | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

20-05-15

Propolis, de genezende kracht van bijen

Propolis behoort tot de apitherapie en heeft zijn gunstige werking al lang bewezen. Het is de Deense imker K. Lund Aagaard die in de vorige eeuw de propolis heeft herontdekt. De bijen produceren een lijmachtige substantie uit de knoppen en het sap van planten en bomen. Het zijn vooral harsachtige stoffen. De bijen gebruiken propolis om ongewenste openingen, kieren en spleten van hun korven of kasten te dichten. Propolis heeft binnen de bijenkolonie talrijke functies, maar de belangrijkste is ziektekiemen buiten te houden zoals bacteriën, virussen en schimmels. De minste infectie in een bijenkolonie zou fataal zijn. De samenstelling van propolis verschilt van streek tot streek, maar ook volgens de seizoenen en is afhankelijk van de soort planten. De meest voorkomende kleur is bruin, maar kan ook groen, rood, zwart, geel of wit zijn. Propolis bestaat voor meer dan 50% uit balsem, 30% uit was, 10% etherische olie en 5% pollen.

 

De balsem is samengesteld uit flavonoïden, eiwitten, suikers, vitamine en mineralen. De flavonoïden vormen een grote groep van gele geneeskrachtige kleurstoffen die de bijen in de harsen op de knoppen van de bomen vinden. De samenstelling verschilt van boom of struik. Vooral de knoppen van de populier en de berk zijn belangrijke leveranciers van flavonoïden. Er zijn meer dan 26 verschillende soorten flavonoïden in propolis ontdekt. De belangrijkste zijn acacetin, kaempferide, pinostrobine, rhamnocitrine, apigenine en nog vele andere. De aanwezigen eiwitten, suikers, vitaminen en mineralen zijn te gering voor hun voedingswaarden, maar hebben een farmacologische werking die bijdraagt aan het genezingsproces.

 

De was bestaat uit lipoïden, een verzamelnaam voor een zeer heterogene groep van vetachtige verbindingen. De etherische oliën zorgen voor de geur en de smaak van propolis en een goede werking tegen bacteriën en schimmels. Het gaat om een achttal aromatische verbindingen zoals benzoëzuur, cafeïnezuur, eugenol, ferulazuur, pterostilbeen en sorbinezuur. Sorbinezuur staat bekend voor zijn goede conserverende werking. Omdat propolis in zijn natuurlijke vorm niet zo handig in gebruik is, wordt het verwerkt in siroop, tinctuur, crème, zalf, tablet, dragee of capsule en in deze vormen te koop aan geboden. Bij siroop worden vaak ondersteunende kruiden toegevoegd zoals tijm, salie, eucalyptus, anijs, heemst, zoethout, vlier enz.

 

Eigenschappen van propolis

Door zijn grote diversiteit aan inhoudsstoffen bezit propolis een breed spectrum aan genezende eigenschappen. Propolis staat vooral bekend als natuurlijke antibioticum en werkt op bacteriën, virussen en schimmels. Het heeft een ondersteunende werking bij het toepassen van een noodzakelijke antibioticakuur. Propolis wordt gebruikt bij allerlei ontstekingen van de luchtwegen, keelpijn en virale infecties, maar zijn werking en toepassingen gaan veel verder. Propolis wordt toegepast bij reumatische aandoening vooral bij artritis en remt ontstekingsreacties af. Het wordt aanbevolen bij hart- en vaatziekten zoals slagaderverkalking, trombose of bij slechte doorbloeding. Wordt verder ingezet bij het behandelen van allergie, krampstillende werking op de darmspieren (spastisch colon), bij galproblemen, zwakke immuniteit, maagzweer, als verzorgingsmiddel voor mondhygiëne  en tegen pijn en jeuk. Propolis zou het risico op cataract verminderen en wordt gebruikt door zangers of sprekers met pijnlijke stembanden. Propolis is een vrij universeel middel dat direct of indirect wordt ingezet bij de meest uiteenlopende klachten. Het gebruik van propolis is zeer algemeen en is vooral geschikt voor zelfzorg. De meeste medische eigenschappen zijn door wetenschappelijk onderzoek bevestigd.

 

Complementaire zorg

Propolis is zeer geschikt bij het behandelen van brandwonden. Er loopt een onderzoek om propolis in te zetten in de tandheelkunde. Er zijn aanwijzingen dat propolis kan helpen tegen cariës. Het is een goed middel tegen aften. Propolis is een uitstekend middel dat alleen in de zelfzorg wordt toegepast en in de complementaire zorg wordt aanbevolen. Dat lijkt vreemd, maar is wel logisch. Natuurlijke middelen kunnen geen medicijnen vervangen omdat de dosering van de inhoudsstoffen niet bekend is. Iedere propolis kan afhankelijk van de plant, de streek en het seizoen anders van samenstelling zijn. Daarom wordt in de complementaire zorg altijd een omkadering aanbevolen. Indien iemand een keelontsteking met propolis wil behandelen, is het aan te bevelen dat men zijn voeding en levenswijze verzorgt of eventueel propolis ondersteunt met knoflook en/of een kruidenthee met honing. Het natuurlijk middel is een onderdeel van meerdere factoren die worden ingezet bij het genezingsproces. Het is de synergetische werking die het goede resultaat verzekert. Binnen een ruimere natuurgeneeskundige aanpak kan men met propolis veel bereiken. In de complementaire zorg hechten we veel belang aan het educatieve aspect. Propolis staat bekend als een goed natuurlijk antibioticum, maar ook als antimycoticum of schimmelwerend middel. Omdat de factor tijd een doorslaggevende rol speelt bij ernstige infecties, is het niet altijd verantwoord om alleen propolis in te zetten en is men aangewezen op medische hulp. We moeten een onderscheid maken tussen gezondheidsproblemen die men zelf kan behandelen of met de steun van een complementaire zorgverlener en medische problemen waarbij een medische interventie nodig is.

 

Geen resistentie

Het grote nadeel van antibioticum is de resistentie tegen bepaalde bacteriën. De bacteriën die de ziekte veroorzaken worden er door gedood waardoor de ontsteking ophoudt. Dat is geen genezing maar een uitschakeling van een symptoom. Vooral de vernietigende werking op de darmflora is verontrustend. Zowel in medische kringen als door de overheid wordt gewaarschuwd om niet te snel op antibiotica over te schakelen. Uit talrijke wetenschappelijke onderzoeken kan men afleiden dat bij propolis geen dergelijke resistentie optreedt. Onderzoek heeft aangetoond dat bacteriën die resistent waren voor antibiotica met propolis wel konden behandeld worden. Propolis lijkt ons een ideaal middel om bij talrijke kwalen met een laag risico te gebruiken ter vervanging van antibioticum. De bevolking moet zich bewust worden dat men zelf heel veel aan zijn gezondheid kan doen, zeker door meer aandacht te vestigen op zelfzorg en complementaire zorg.

10:16 Gepost door Jan Dries in Gezondheid, Natuurgeneeskunde | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

12-05-15

Bacteriën maken ons gezond!

Het woord bacterie roept vaak akelige verhalen op van infectieziekten.  De laatste jaren werden mensen getroffen door gevaarlijke en zelfs dodelijke bacteriën, denk maar even  aan de vleesetende bacterie. Te lang heeft men in medische kringen bacteriën wit/zwart  benaderd terwijl ons lichaam  een ecosysteem is met duizenden soorten. Bacteriën spelen een belangrijke rol bij het in standhouden van onze gezondheid.  Decennialang werden bacteriën door antibiotica vernietigd met het gevolg dat het bacterieel evenwicht flink werd verstoord en dat heel wat bacteriën resistent zijn geworden.  Tegenwoordig denkt men daar anders over en volgt men het principe van de natuurgeneeskunde, namelijk dat het lichaam zichzelf in evenwicht brengt. De arts dient zich niet langer te gedragen als een boer die met pesticiden alles dood spuit, maar wel als een bioboer die op zoek is naar een ecologisch evenwicht.  We worden ziek als het bacterieel evenwicht verstoord is en geraken weer gezond als dit hersteld wordt. Een indelen in goede en slecht bacteriën heeft geen zin, ze worden gevaarlijk als het evenwicht verstoord is.

Van kop tot teen zitten we vol bacteriën, hun aantal gaat in de vele miljarden en hun gewicht varieert bij een volwassene tussen 1 à 2,5  kg. Over heel de wereld zijn bacteriologen intensief bezig met het bestuderen ervan. Ze proberen te achterhalen  hoe bacteriën zich inzetten in de strijd tegen ziekten. In de natuurgeneeskunde gaan we er vanuit dat het lichaam zichzelf tracht te genezen door zijn eigen evenwicht te zoeken.  De zelfgenezende kracht is immers instinctief aanwezig en is gekoppeld aan de levensdrang. Een natuurgeneeskundige behandeling is erop gericht om dit zelfregulerend proces met natuurlijke middelen te stimuleren. Er zijn vier grote groepen bacteriën die ons hele lichaam overheersen. Ze worden aangeduid als Actinobacter, Bacteroidetes, Firmicutes en Proteobacteria. Binnen elke groep zijn er tal van soorten. De bacteriën zitten op uiteenlopende plekken, zowel binnen als buiten het lichaam, afhankelijk van de taken die ze daar verrichten. Ieder mens wordt zonder bacteriën geboren. Via het geboortekanaal van de moeder komt de baby in aanraking met bacteriën en trekt deze aan, ook vanuit zijn directe omgeving. We beperken ons tot vier belangrijke terreinen: de mond, vagina, huid en dikke darm.

 

Mond

In de mondholte domineert de Firmicutesbacteriën (42%). Op de tanden en kiezen leeft de Streptococcus sanguinis die er voor zorgt dat de tanden niet worden aangetast.  Door het veelvuldig gebruik van gekookt voedsel is het bacterieel evenwicht in de mond sterk verstoord en zorgt voor de aantasting van het gebit. Tanden poetsen helpt, maar neemt de oorzaak niet weg. Het beperken van voedingsproducten en drank met toegevoegde suikers helpt echt. Door meer fruit en rauwe groenten te eten herstelt zich het bacterieel evenwicht.

 

Vagina

De Firmicutesbacteriën (91%) zoals de  Lactobacillus acidophius zorgen voor een gunstig zuur milieu waarin schadelijke bacteriën niet kunnen gedijen. Bovendien beschermt de Lactobacillus  tegen infecties. Een goede bacteriële vaginale bescherming voorkomt ziekten zoals blaasontsteking en verlaagt  het risico op baarmoeder- en baarmoederhalskanker. Zeep en andere alkalische verzorgingsproducten zijn schadelijk voor het zuur milieu. Bij intieme hygiëne zal men uitsluitend gebruikmaken van zure middelen.  

 

Huid

De huid is ons grootste orgaan en biedt bescherming tegen de gevaren uit de buitenwereld. Het zijn de Actinobacteriën (52%) en de Firmicutesbacteriën (25%) die zorgen voor een gezonde huidflora. Het gaat hier om miljarden bacteriën die permanent aanwezig zijn op het huidoppervlak van een gezond persoon. De huidbacteriën  beschermen het lichaam onder meer door bij te dragen aan de productie van talg en bacteriocines. Alkalische zeep en crèmes tasten de  huidflora aan en zijn niet goed voor het behoud van een gezonde huid. Volgens een onderzoek uit 2007 telt de huid 182 verschillende soorten bacteriën. Door een verkeerde hygiëne wordt de kostbare huidflora vernietigd en wordt het risico op huidaandoeningen vergroot. Huidolie daarentegen voedt de huid en voorkomt uitdroging.

 

Dikke darm

De dikke darm is een belangrijke plaats voor bacteriën, daar bevindt zich immers de darmflora.  Ook hier domineert de Firmicutesbacteriën (55%) samen met de  Bacteroidetes (36%).  De darmflora werd voor het eerst door de Engelse bacterioloog Dr. Edward Bach bestudeerd in de  jaren dertig van de vorige eeuw. Dr. Bach is vooral bekend als grondlegger van de Bach Bloemenremedies. De darmflora heeft als taak de voedselresten die zich in de dikke darm bevinden verder te verteren en er de nodige bruikbare substanties uit te halen. Daardoor verhoogt men het verteringsrendement. Het  niet bruikbare wordt onder de vorm van feces afgeverd.  De Bacteroidetes thetaiotaomicron heeft als taak complexe koolhydraten (zetmeel) af te breken tot opneembare suikers. Bacteriën werken als afbrekers van plantaardig voedsel en helpen bij het vormen van vitaminen zoals vitaminen van het B-complex en vitamine K.  De darmflora heeft nog talrijke andere functies o.a. de opname van mineralen en spoorelementen,  het voorkomen van darmverstopping of diarree, de versterking van de immuniteit omdat zich daar de meeste afweercellen bevinden enz.  Een goede darmflora voert overtollige cholesterol af en ontlast de lever. De grote vijand van de darmflora is vlees, vis en in mindere mate kaas. Darmkanker komt steeds meer voor en  staat ongetwijfeld in verband met een onjuist eetpatroon.  Rauwkost en vooral voedsel met veel ballaststoffen zoals ruwe vezels zijn aan te bevelen. Gefermenteerd voedsel zoals natuuryoghurt ondersteunt de darmflora. De yoghurtbacteriën vestigen zich niet in de darm, maar werken als gastarbeiders zodat de darmflora zich sneller kan herstellen.

We moeten niet meer denken in goede en slechte bacteriën, maar ons lichaam zien als een ecosysteem en streven naar evenwichtig. Genezen is niets anders dan de verbroken harmonie herstellen. Dat bereiken we door onze voeding en levenswijze aan te passen en door voorzichtig te zijn met bacterievernietigende producten zoals dierlijk voedsel of industriële huidverzorgingsmiddelen.

17:05 Gepost door Jan Dries in Gezondheid | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

06-05-15

Insecticiden doden insecten, vogels, vissen en mensen

Al geruime tijd kampen imkers met bijensterfte, maar het is nog erger dan men tot nog toe had gevreesd. Een rapport van EASAC, een groep van Europese wetenschappers, toont aan dat de grote boosdoener de ‘neonicotinoïden’ zijn. Deze insecticiden bedreigen niet alleen bijen, maar ook andere insecten zoals hommels en vlinders en zoals gevreesd werd ook vogels, vissen en uiteindelijk de mens. Als er te weinig insecten zijn, geraakt de bestuiving van fruitbomen in de war en dat betekent minder fruit. De natuur is één groot geheel waarin alles met alles is verbonden en als er één schakel ontbreekt, heeft dat grote gevolgen voor mens, dier en plant. Neonicotinoïden werden in de jaren negentig van de voorbije eeuw door de landbouw ingehaald als het ei van Columbus. Uit de naamgeving kunt u afleiden dat deze insecticide een soort nicotine bevat, die voor insecten zeer giftig is. Er is een ingenieus systeem ontwikkeld bij het behandelen van de zaadjes van gewassen waardoor deze ingekapseld worden in een coating van neonicotinoïden. Tijdens het groeiproces van de plant wordt deze nicotineachtige stof in de hele plant opgenomen zodat er een levenslange bescherming tegen insecten ontstaat.

Men beweert dat deze stof die in het gewas aanwezig is, niet schadelijk zou zijn voor de mens, maar dat is een lachertje. Deze insecticide heeft wel degelijk zijn schaduwzijde. Alle planten worden met insecticiden behandeld en niet alleen die door bladluizen zijn aangetast. Een ander nadeel is dat de neonicotinoïden veel langer in het milieu blijven dan eerst werd gedacht. Het zijn de insecten die het gif van de planten verspreiden. De stof wordt al langer in verband gebracht met de grote bijensterfte. De bijen worden er zodanig door aangetast dat zij hun oriëntatievermogen kwijt geraken. Zij geraken tijdens hun vele zoektochten naar nectar niet meer terug in de korf of kast. Neonicotinoïden werken in op het centrale zenuwstelsel van de insecten en ze blokkeren de overdracht van zenuwimpulsen waardoor de insecten stoppen met eten, geraken verlamd en sterven uiteindelijk door uithongering en uitdroging. Deze giftige stof zit in mindere mate ook in de nectar en het stuifmeel van de behandelde plant. Er zijn onderzoeken uitgevoerd op het vogelbestand waarbij aangetoond werd dat de achteruitgang zeker in verband kan gebracht worden door het veelvuldig gebruik van insecticiden op basis van neonicotinoïden. Uiteraard zijn er ook andere insecticiden verantwoordelijk voor de achteruitgang van het vogelbestand alsook door de intensieve landbouw. De verschraling van de insecten betekent minder voedsel voor de vogels.

De Europese Unie heeft in 2013 een verbod ingesteld op het gebruik van neonicotinoïden, maar dat verbod beperkt zich tot gewassen als koolzaad. Het is onbegrijpelijk dat de EU dit wel toelaat op andere gewassen zoals bijvoorbeeld aardappelen en bieten omdat deze gewassen niet door bijen worden bezocht. Dat is een kortzichtige redenering. Insecticiden worden echter door andere insecten en door de wind verspreid. Dit betekent dat het hele ecosysteem er door wordt aangetast. Uit Nederlands onderzoek blijkt dat de oppervlaktewateren zeer grote hoeveelheden neonicotinoïden bevatten. Ook in België is er onderzoek geweest, maar de resultaten van dit onderzoek zijn tot op heden nog niet bekend gemaakt. Men vreest dat de negatieve gevolgen voor het onderwaterleven zeer groot zijn, zeker op iets langere termijn. Onderzoekers zijn er nu al zeker dat de impact altijd onderschat is geweest. Uit studies blijkt dat twee met neonicotinoïde bewerkte zaadjes voldoende zijn om een huismus te doden.

Eind 2015 beslist de EU of het verbod op deze insecticide wordt gehandhaafd en uitgebreid. De Europese wetenschappers van EASAC en de milieuorganisaties zijn van mening dat een totaal verbod noodzakelijk is. De ECPA of de Vereniging van de Europese fabrikanten van bestrijdingsmiddelen (pesticiden) zijn boos, maar hopelijk zal de EU niet zwichten voor het belang van het groot kapitaal. De ECPA gaat er vanuit dat de bijensterfte wellicht wordt veroorzaakt door het varroamijt en noemen het onderzoek van de Europese wetenschappers bevooroordeeld, misleidend en selectief. Het gaat hier niet alleen om bijen, maar om talrijke andere insecten, vogels, vissen en zelfs om de mens. De overheden hebben de neiging om een toelaatbare hoeveelheden residu’s op voedingsmiddelen toe te staan, maar dat kan niet. Voor alles wat voor menselijke consumptie bestemd is, geldt maar een norm: nul tolerantie. Uit een recent onderzoek is gebleken dat 45% van de voedingsmiddelen residu’s van pesticiden bevat. Uit recent onderzoek is gebleken dat residu’s van pesticiden op voedingsmiddelen bij mannen de hoeveelheid zaadcellen met 49% doet dalen, terwijl er 32% minder gezonde spermacellen overblijven.

De overheid hanteert onder invloed van de land- en tuinbouworganisaties een verkeerd uitgangspunt. Zolang niet is bewezen dat een pesticide schadelijk is, mag ze gebruikt worden. Omdat onderzoekers zich vaak tegenspreken of onderzoeken in twijfel worden gebracht, kan het jaren duren eer de overheid een verbod uitvaardigt. Dat moet dringend anders. Zolang niet is bewezen dat een pesticide onschadelijk is, mag ze niet worden gebruikt. Het hele ecosysteem is de laatste zeventig jaar totaal vervuild, niet alleen door pesticiden, maar door talrijke andere schadelijke stoffen. Politici proberen ons te doen geloven dat het best meevalt met het milieu, maar dat is helaas niet zo. Er is vooruitgang geboekt, er zijn milieuregels, er is een minister van milieu, maar we leven constant in een vervuild milieu. De kwaliteit van de gezondheid van de mens is afhankelijk van de kwaliteit van het milieu.

 

Rozenbottel

Japanse wetenschappers hebben ontdekt dat een rozenbottelextract het lichaamsgewicht bij overgewicht doet dalen. Vooral het onderhuids buikvet en orgaanvet zou er door verminderen. Het gaat om het gevaarlijke visceraal vet dat bij het appelmodel voorkomt en gevaarlijk is voor hart- en vaatziekten.

10:58 Gepost door Jan Dries in Gezondheid, Voeding | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |