15-12-15

Nano Foods, wat is dat nu weer?

Haast iedere dag wordt de consument overladen met nieuwe informatie. Het probleem is echter dat deze niet altijd objectief en transparant is zodat men niet weet of er voor- of nadelen aan verbonden zijn. Als consument staat men machteloos omdat meestal inzicht en kennis ontbreekt om een juist oordeel te vellen. Nanotechnologie is zeker niet nieuw, maar de toepassing in de voedingsindustrie is in volle ontwikkeling. Nano staat voor heel klein en is afgeleid uit het Grieks wat ‘dwerg’ betekent. 1 nm is een miljardste van een meter en is veel kleiner dan een virus. In Nederland en vermoedelijk ook in België zijn al minstens 119 producten op de markt waarin mogelijk nanodeeltjes zijn verwerkt. Dit zijn bijvoorbeeld schoonmaakproducten, textiel, verpakking, maar ook cosmetica, zonnebrandcrème en voedingsproducten, waaronder mayonaise. Niet alleen de consument, ook heel wat wetenschappers stellen zich vragen over eventuele nadelige gevolgen op langere termijn. Nanodeeltjes komen in gezonde, natuurlijke voedingsmiddelen voor, maar er is een groot verschil of deze kleine deeltjes deel uitmaken van een levend organisme of door de mens zelf tijdens een productieproces worden toegevoegd.

 

High tech

Na genetische engineering is de nanotechnologie de nieuwe high tech poging om ons voedsel te infiltreren. Wetenschappers waarschuwen terecht dat nanotechnologie, d.w.z. de manipulatie van stoffen op de schaal van atomen en moleculen, ernstige nieuwe risico’s voor de gezondheid van de mens en het milieu kan veroorzaken. Dat er ongerustheid ontstaat tegenover deze toch vrij vreemde technologie lijkt ons logisch. Men hoeft geen wetenschapper te zijn om te beseffen dat, als er op genetisch en moleculair vlak wordt ingegrepen, de gevolgen niet te overzien zijn. Het gebruik van bepaalde kleurstoffen of andere additieven in voedingsproducten kunnen beschadigingen veroorzaken aan organen of weefsel. Bij nanotechnologie veroorzaken deze uiterst kleine deeltjes beschadigingen in onze cellen of in delen van cellen. De inbreuk gebeurt op een totaal ander niveau.

 

Nanotechnologie heeft als doel de natuur uit elkaar te halen en opnieuw naar eigen inzicht in elkaar te zetten. Dit is het principe van de alchemie die daar nooit in geslaagd is, maar met de huidige kennis en mogelijkheden lukt dat voor een groot deel wel. Het doel is niet om betere producten op de markt te brengen, maar wel om productieprocessen te verbeteren en te versnellen, de houdbaarheidstijden te verlengen, het uitzicht te verfraaien of om geuren en smaken aantrekkelijker te maken enz. Nanotechnologie staat louter in dienst van de economische belangen. De voorstanders proberen met mooie verhalen de mond van de consument te snoeren door te spreken over ‘design voedsel’, voedsel dat men zelf ontworpen heeft door de vorming van atomen en moleculen. Deze voedingsproducten worden verpakt in een veiligheidsverpakking die bederf of schadelijke verontreinig zou kunnen opsporen. De voedingsproducten worden samengesteld volgens de behoefte van de cliënt of de ziekte waaraan men lijdt. Zelfs het mondgevoel wordt naar wens aangepast. Te mooi om waar te zijn. Men kan hiermee voedingsproducten vloeibaarder of vaster maken, de smaak of kleur aanpassen, schadelijke ingrediënten zoals zout, zoet of vet neutraliseren. De mogelijkheden lijken onbegrensd, maar over de gevaren wordt geen woord gerept. Nanotechnologie en genetische manipulatie vullen elkaar aan, maar verhogen juist daardoor de risico’s.

 

Alchemie

Men hoeft geen wetenschapper te zijn om te beseffen dat niemand met deze moderne vorm van alchemie gediend is. De wetenschappers moeten eindelijk gaan beseffen dat de natuur zich niet laat manipuleren. Wij kunnen de natuur een handje toesteken door bijvoorbeeld de omgeving van akkers en tuinen van een natuurlijke beschutting te voorzien of door snoeitechnieken toe te passen. Door aan de bodem kompost of mineralen toe te voegen of de waterhuishouding technisch te beheren door te zorgen dat de bodem voldoende vochtig blijft en de gewassen zich in de juiste gewenste vochtigheidsgraad ontwikkelen. Wij kunnen enorm veel doen zonder de natuurwetten brutaal te overtreden. Een ander belangrijk aspect dat men uit het oog verliest is dat de mens nog altijd een lichaam heeft dat opgebouwd is en functioneert zoals miljoenen jaren geleden en dat we juist daardoor deelachtig zijn aan de natuur en onderworpen zijn aan de natuurwetten. De smaakpapillen worden door fastfood zodanig geprikkeld dat men zich daar mentaal op aanpast. Men vindt het na enige tijd lekker zoals een roker van zijn nicotine kan genieten. Maar juist daar ligt het gevaar van iedere vorm van verslaving. Het verteringsstelsel haalt zoveel mogelijk bruikbare substanties uit alles wat we in onze mond steken, anders zouden veel mensen niet meer overleven. De gevolgen van deze onverantwoorde voedingswijze zijn echter catastrofaal. Ziekenhuizen worden steeds groter, mensen slikken medicijnen in overvloed, de gezondheidskosten zijn voor de overheid ondraaglijk geworden. Toch willen politici niet inzien dat niet de mensheid, maar alleen het grootkapitaal er baat bij heeft. Waarom laten politici genetisch gemanipuleerde gewassen alsook nanotechnologie toe?

 

De trein van de vooruitgang

Men kan de trein van de vooruitgang niet tegenhouden, wordt er beweerd. Als deze trein een vernietigende lading vervoert, is het onze plicht deze tegen te houden. Er zijn twee soorten wetenschappers. Enerzijds een groep die zoekt buiten de natuur en gelooft in de eigen mogelijkheden, anderzijds een groep die juist zoekt binnen de natuurlijke wetmatigheid. Zonnepanelen en windmolens zijn twee voorbeelden hoe de natuur benut kan worden. Biologische land- en tuinbouw toont aan dat het op een natuurlijke wijze kan. Er zijn nog andere ontwikkelingen te melden die de natuur als voorbeeld gebruiken, zoals het gebruik van schimmels en zwammen om industrieel vervuilde bodem te saneren of om woestijnen weer vruchtbaar te maken. We kunnen de natuur inschakelen voor ons eigen belang zonder schade aan te brengen. Dat is de trein van de toekomst die we welkom heten.

 

Kiezen voor voedingsmiddelen in plaats van voedingsproducten zorgt er voor dat nanotechnologie overbodig wordt. Indien de consument de voedingsproducten in de rekken van de supermarkt laat liggen en hoofdzakelijk kiest voor verse en gezonde voedingsmiddelen, zal men niet verder investeren in deze dure nanotechnologie, hoewel ze ook in de landbouw wordt toegepast. Genetisch modificeren van de landbouw gebeurt op het niveau van atomische modificatie. Daardoor kan het DNA van zaden naar wens gerangschikt worden om andere eigenschappen te verkrijgen zoals kleur, vorm, groeiseizoen, opbrengst, houdbaarheid enz. Zo droomt men ervan om in de nabije toekomst een nanocoating op fruit aan te brengen zodat de vruchten langer houdbaar blijven en er mooi en aantrekkelijk blijven uitzien. We hebben geen nanotechnologie nodig om ons gezond te voeden en zeker niet om het wereldvoedselprobleem op te lossen. Door een onjuiste aanpak van de landbouw en de voeding is er een te laag rendement. We hebben alleen een stukje gezond verstand nodig zodat we opnieuw logisch kunnen denken. We kunnen de natuur een handje toesteken, maar niet veranderen of vervangen omdat we zelf een stuk levende natuur zijn dat onderworpen is aan de natuurwetten. Alles wat we tegen de natuur doen, doen we tegen onszelf en tegen het milieu.

15:46 Gepost door Jan Dries in Voeding | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

02-12-15

Het zuur-base evenwicht in het bloed.

Er wordt vaak de vraag gesteld of voeding het bloed al dan niet kan verzuren. Het zuur-base evenwicht is een ingewikkelde theorie die we heel eenvoudig kunnen uitleggen. Laten we voorop stellen dat de zure smaak niets te maken heeft met het zuur-base evenwicht. Citroensap is erg zuur, maar heeft een ontzurende werking. Tomaat is licht zuur van smaak en heeft eveneens een ontzurende werking. Dat zorgt vaak voor verwarring. Voedingsmiddelen met een zuuroverschot zijn geconcentreerd en rijk aan calorieën. Ze bevatten veel voedingsstoffen (eiwit, vet, koolhydraat) en weinig water, met uitzondering van vlees. Deze voedingsmiddelen kennen we als granen, peulvruchten, noten, zaden, pitten, kaas, vlees, vis enz. Ze zijn vooral rijk aan eiwit en niet-metalen (mineralen). Deze niet-metalen zetten zich om in zuren zoals fosfor dat fosforzuur wordt. Dit betekent niet dat al deze voedingsmiddelen ongezond zijn, integendeel. We hebben er weinig van nodig en ze geven snel een verzadigingsgevoel.

 

Daarnaast hebben we voedingsmiddelen met een base-overschot. Ze zijn arm aan calorieën doordat ze weinig voedingsstoffen en veel water bevatten. Tot deze voedingsmiddelen behoren fruit, bessen, watervruchten, bladgroente, wortel- en knolgewassen en melk. Ze zijn rijk aan metalen (mineralen) die zich in base omzetten. We eten er grote hoeveelheden van voor er een verzadiging optreedt. In feite leert de natuur ons omgaan met het zuur-base evenwicht. Als vuistregel gaat men er vanuit dat we maximaal 20% voedingsmiddelen met een zuuroverschot nodig hebben tegenover minimaal 80% voedingsmiddelen met een base-overschot. Bij de meeste mensen is deze verhouding verstoord. Zij zitten eerder op 30 à 40% verzurende voeding tegenover slechts 60 à 70% ontzurende voeding. Deze verkeerde verhouding verzuurt het lichaam en verhoogt daardoor het risico op talrijke ziekten zoals hart- en vaatziekten, nierklachten, reumatische aandoeningen, kankers enz.

 

We komen even terug op de vraag of een verstoord zuur-base evenwicht het bloed verzuurt.

 

Het antwoord is duidelijk: Nee. Een afwijking van de zuurgraad van het bloed bij 6.8 ph voert al meteen tot de dood. Gezonde personen zijn, onafhankelijk van hun verkeerd voedingspatroon, in staat om hun bloed niet te laten verzuren. Men gaat er vanuit dat het bloed een zuurgraad moet hebben tussen 7,35 en 7,45, dit betekent licht alkalisch. Er zijn immers buffersystemen in het bloed ingebouwd die dit garanderen. Bij een verkeerd voedingspatroon is het lichaam verplicht om de zuurgraad van het bloed te handhaven door de nieren te stimuleren om voldoende zuur uit te scheiden. Dit betekent een extra belasting van de nieren. Het is niet vreemd dat steeds meer mensen te kampen krijgen met nierproblemen en dat het aantal mensen dat gebruik moet maken van nierdialyse of niertransplantatie steeds groter wordt. Dit wordt veroorzaakt door een hoge consumptie verzurende voedingsmiddelen en voedingsproducten. Niet het bloed, maar het lichaam verzuurt.

 

In tegenstelling tot het bloed heeft het voedingspatroon wel degelijk invloed op de zuurgraad van de urine. Deze varieert van pH 5 tot 8, van zuur tot alkalisch. De ochtendurine is meestal zuur terwijl deze door de dag alkalisch of basisch wordt. Eten we te veel calorierijke voeding en in verhouding te weinig caloriearme voeding, dan is de zuurgraad van de urine laag. Dat wijst erop dat in het lichaam een overschot aan zuur aanwezig is die het lichaam uit veiligheid zoveel mogelijk wil uitscheiden. Als dit niet gebeurt, is dit een belasting van het organisme en het verhoogt het risico op ziektes en gezondheidsproblemen. Naast voeding spelen stress, medicijnen en overmatige spierbelasting eveneens een rol in de verzuring van de urine en van het lichaam.

 

Het zuur-base evenwicht werd voor het eerst door Prof. Dr. Ragnar Berg (1873-1956) bestudeerd. Hij heeft in zijn tijd een poging ondernomen om tabellen uit te werken. Deze tabellen zijn niet meer relevant. Het is uit praktische overwegingen niet mogelijk om dergelijke tabellen te berekenen op basis van de hoeveelheid metalen en niet-metalen. Deze bevinden zich hoofdzakelijk in de aminozuren. Indien we ons laten leiden door de verhouding calorierijke en caloriearme voedingsmiddelen hebben we trouwens geen tabellen nodig. Het komt er op aan dat we spontaan in de dagelijkse voeding grote hoeveelheden caloriearme of waterrijke voedingsmiddelen gebruiken (80%) en de calorierijke voedingsmiddelen (20%) beperken. Bij een reinigingskuur wordt gebruik gemaakt van sap of een monodieet dat uitsluitend een base-overschot heeft. Als kuur is daar geen bezwaar tegen, maar niemand voedt zich uitsluitend op deze wijze, dat zou op langere termijn een tekort aan eiwit opleveren.

 

Er is nog een andere methode die steunt op de zuuruitscheiding van voedingsmiddelen in de urine. Dat is slechts één aspect van het zuur-base evenwicht. Dergelijke tabellen zorgen vaak voor misverstand en verwarring. Iemand die dagelijks fruit, groenten en aardappelen eet, melk of yoghurt gebruikt en het gebruik van vlees, vleesvervangers, kaas, peulvruchten en granen beperkt, hoeft zich geen zorgen te maken. Overtollige zuren worden uitgescheiden via de nieren, de ademhaling en tijdens het zweten (beweging). Het wordt een probleem als de aanvoer van zuren groter is dan de capaciteit om ze uit te scheiden of te neutraliseren. Spontaniteit is het beste middel om tot een goed zuur-base evenwicht te komen.

13:46 Gepost door Jan Dries in Gezondheid, Voeding | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |