29-03-17

Biologische voeding, goed voor mens en milieu

Biologische landbouw betekent respect tonen voor het natuurlijk groeiproces van de plant en is meer dan gifvrij gewassen kweken. De residu’s van pesticiden die op of in de gewassen achterblijven, verhogen het risico op ziekten. Het grote nadeel van de chemische landbouw is de té snelgroeiende gewassen. Het zijn zieke planten die door schimmels en insecten worden aangetast waardoor het gebruik van insecticiden en herbiciden noodzakelijk zijn. Omdat de consument steeds bewuster omgaat met voeding en gezondheid komt er vanuit de voedingsindustrie en de chemische landbouw steeds meer nepinformatie die erg verwarrend is. Zo wordt de biologische voeding ten onrechte in twijfel getrokken. Men beweert dat de voedingswaarden, namelijk de hoeveelheid eiwit, vet en koolhydraat bij chemische of biologisch geteelde gewassen dezelfde zijn. Dat is min of meer correct omdat de hoeveelheid voedingsstoffen in een gewas genetisch is bepaald en daar heeft de landbouwmethode geen invloed op. Men stelt wel vast dat bij bioteelt de kwaliteit van de macronutriënten hoger ligt en de micronutriënten in grotere hoeveelheden voorkomen. Het verschil tussen biologisch en niet biologisch ligt op het kwalitatief terrein en daar wordt met opzet geen rekening mee gehouden.  

 

Organische groei

In de biologische landbouw groeit een plant organisch, d.w.z. traag en is er voldoende ruimte om zich te ontwikkelen. Er wordt voorkeur gegeven aan de wisselcultuur om het natuurlijk biotoop min of meer te benaderen. De voedingsbestanddelen worden via het wortelstelsel uit de bodem opgenomen en onder invloed van fotosynthese verwerkt tot macro- en micronutriënten. Planten in de vrije natuur weten hoe ze zich tegen de gevaren uit hun omgeving moeten beschermen door het produceren van specifieke afweerstoffen. Deze worden fytochemicaliën of bioactieve substanties genoemd. Van deze stoffen weet men dat zij net als kruiden een geneeskrachtige werking hebben, o.a. een kankerremmende, een antibacteriële of bloeddrukverlagende werking, enz. Omdat in de biolandbouw geen pesticiden worden gebruikt, moet de plant zichzelf beschermen door voldoende beschermende fytochemicaliën te vormen. Chemisch geteelde gewassen hebben nauwelijks vijanden omdat deze door pesticiden worden vernietigd en daardoor bijzonder arm zijn aan deze belangrijke geneeskrachtige stoffen.

 

Versneld groeiproces

In de chemische landbouw groeien planten dicht bij elkaar in de vorm van monocultuur. Men streeft naar grote opbrengsten op steeds minder grondoppervlakte, maar dat is niet in het voordeel van de kwaliteit van de gewassen. Kunstmeststof heeft als functie het groeiproces abnormaal te stimuleren. Deze gewassen groeien te snel en houden meer water vast waardoor het volume aanzwelt en het gewicht toeneemt. In de volksmond spreekt men terecht van ‘waterzakken’. Met dergelijke zwakke gewassen kan men onmogelijk de gezondheid ondersteunen. Biologische gewassen zijn voedzamer, hebben een natuurlijke smaak, zorgen voor een efficiënte vertering en stofwisseling en geven snel een verzadigingsgevoel, m.a.w. men eet er minder van. Bovendien is biovoeding rijk aan natuurlijke kleur- en smaakstoffen die van grote betekenis zijn voor de gezondheid omwille van hun farmacologische werking. Stijn Bruers is moraalwetenschapper en zegt: ‘Als we biovoeding eten, hebben we meer grond nodig. Dat leidt tot ontbossing.’ Deze bewering is niet correct. De opbrengst ligt 20% lager, maar compenseert zich door een hogere voedzaamheid. De consument die voor bio kiest, heeft minder of geen behoefte aan dierlijk voedsel. Het is immers de intensieve veehouderij die de grootste vervuiler is. Ontbossing heeft vooral te maken met de teelt van soja voor veevoeders. Onderzoekers vertrekken te gemakkelijk vanuit de klassieke vleesvoeding. Indien de bevolking morgen overschakelt op een vegetarische voeding, dan klaart de hemel helemaal op. Een consequente milieuactivist kiest voor een plantaardig voedingspatroon.

 

Groot verschil

In een Duits laboratorium wordt vergelijkend onderzoek gedaan tussen biologische en niet biologische voedingsmiddelen. Om de onderzoekers niet te beïnvloeden worden de te onderzoeken voedingsmiddelen van een merkteken voorzien. Al voor het onderzoek start, herkennen de onderzoekers het verschil aan de uiterlijke kenmerken zoals de structuur, consistentie, de kleur en de geur door de aanwezigheid van een rijk aroma. Men hoeft geen wetenschapper of milieudeskundige te zijn om het verschil tussen bio en niet bio te onderscheiden. Chemisch geteelde gewassen bieden alleen praktische voordelen zoals meer stevigheid, een grotere houdbaarheid, lage verkoopprijs, massaproductie, maar deze voordelen gaan ten koste van de kwaliteit. In het belang van de chemische landbouw en de voedingsindustrie probeert men kost wat kost de indruk te wekken dat bio waardeloos is. Stijn Bruers zegt: ‘Het is zeer onwaarschijnlijk dat je vijf jaar minder lang leeft als je geen biovoeding consumeert.’ Een dergelijke uitspraak is zinloos omdat de behaalde leeftijd afhangt van heel wat factoren.

 

Biologische voeding is meer dan een gifvrije voeding, ze is goed voor de gezondheid en het milieu. Wie hieraan twijfelt, heeft slechte bedoelingen. De chemische landbouw heeft de bodem, het grondwater en de lucht vervuild. Onderzoekers leggen steeds meer een verband tussen de stijging van een groot aantal ziekten en de vervuiling door de landbouw. In heel Europa zien we een sterke toename van de bioboeren en een steeds grotere waardering voor échte voeding die ons van de nodige energie voorziet, beschermt tegen ziekten en de immuniteit verhoogt. Met nepinformatie is de consument niet gediend.

10:28 Gepost door Jan Dries in Voeding | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

08-03-17

Gezond op de werkvloer, een groot probleem

Het gaat niet goed op de werkvloer, één op de vier jongeren kan de werkdruk niet aan terwijl een op de drie werknemers boven de 55 stiekem uitkijkt naar zijn pensioen. Onderzoekers gaan er vanuit dat meer dan 80% onder stress staat en dat burn-out steeds meer voorkomt. Het probleem is ernstig en alarmerend. In België heeft de minister van welzijn 2,9 miljoen euro ter beschikking gesteld om op de werkvloer te coachen, maar er is meer nodig dan geld alleen. Het is een gigantisch probleem dat verstrengeld zit in een bekrompen en voorbijgestreefd economisch systeem. Gezien de globalisering en de complexiteit van de economie mag men van bovenuit niet te veel op verbetering rekenen. De enige mogelijkheid is dat er van onderuit, aan de basis, veranderingen worden doorgevoerd. Het particulier initiatief is een machtig wapen binnen de democratie, vandaar dat de werknemers zelf de problemen moeten aanpakken. Pas dan wordt de machtige bovenlaag wakker geschud en is er geen andere keuze dan veranderingen door te voeren.

 

Werkgever

De werkgever weet dat zijn beste werknemers gezonde en gelukkige mensen zijn die altijd present zijn, goed functioneren en zelden of nooit ziekenverlof nemen. Zij zorgen voor een gezonde werksfeer en moedigen de zwakke werknemers aan of sleuren ze mee door moeilijke momenten. Investeren in gezondheid op de werkvloer loont, maar deze boodschap dringt nog te weinig door. Een werkgever draagt grote verantwoordelijkheid over zijn bedrijf of dienstverlening. De bestellingen moeten op tijd de deur uit en de kwaliteit moet onberispelijk zijn want de concurrentie is bikkelhard. De economie is heel kwetsbaar, er zijn geen zekerheden meer en alertheid is permanent geboden. De enige garantie voor een werkgever is kunnen rekenen op stabiele, betrouwbare en gezonde werknemers. Dat bereikt men niet door af en toe een ontspannende activiteit of evenement in te lassen, er is meer nodig.

 

De Overheid

De Overheid maakt zich grote zorgen want de sociale zekerheid kan voor de kosten van de zieke werknemers opdraaien terwijl een wankelende economie weinig belastingen oplevert. Politici dromen ervan dat werknemers tot hun 67ste aan de slag blijven om de pensioenen betaalbaar te houden. Het probleem stelt zich vooral bij de jongeren, vooral bij de dertigers. Als zij nu het beroepsleven niet aankunnen, zal dat in de toekomst niet verbeteren. Men vraagt zich af hoelang deze jongeren het nog vol houden? Gaan zij morgen niet massaal gebruik maken van de sociale zekerheid? Er treedt van jaar tot jaar een duidelijke degeneratie op terwijl iedereen zit te roepen dat we steeds ouder en gezonder worden. Op papier kloppen de statistieken en lijken de curven de goede weg op te gaan, maar de werkelijkheid is helaas anders.

 

De werknemers

Er zijn nog gelukkige en gezonde werknemers met voldoende beroepsfierheid en doorzettingsvermogen, maar ze zijn meestal werkzaam in kleinere bedrijven. Deze groep wordt helaas steeds kleiner. De werkdruk ligt meestal erg hoog en het maakt weinig uit of men in de productie of de administratie werkzaam is. Het volume werk staat niet meer in verhouding met de beschikbare tijd zodat het tempo de grens van de haalbaarheid overschrijdt. Waarom gaan werknemers gebukt onder de verantwoordelijkheid die ze niet langer kunnen of wensen te dragen? Waarom missen ze collegialiteit en vinden ze geen voldoening meer bij het uitvoeren van hun beroepstaken? Vragen die men niet gemakkelijk kan beantwoorden omdat het probleem veel complexer is en verder gaat dan de werkvloer. Het is een maatschappelijk probleem. Er zijn niet alleen oorzaken, maar ook uitlokkende factoren en daar houdt men geen rekening mee of men kent het verschil niet eens. Te lang heeft men een grens getrokken tussen privé en werkvloer terwijl die grens er niet is. Wie thuis gelukkig is, is dat ook op zijn werk. Wie thuis problemen heeft, projecteert die op de werkvloer, maar ook omgekeerd. Te lang heeft men de werknemer beschouwd als een te dure schakel binnen een economisch systeem waarvoor er nog geen machine of robot ter beschikking is. Een werknemer is een ‘mens’ met alle kwaliteiten en gevoeligheden die daaraan verbonden zijn.

 

Wie meent dit probleem te kunnen oplossen door wat herstructureringen door te voeren, lijdt aan tunnelvisie. Het is een maatschappelijk probleem dat niet kan ontkoppeld worden van de verzurende en agressieve samenleving. Er heerst een algemeen gevoel van onverschilligheid, ontevredenheid en pessimisme en dat is voer voor populistische politieke partijen die dit probleem met hun ijdele beloftes niet kunnen oplossen, maar alleen vergroten. Verwacht niet te veel van de Overheid want die is beperkt tot het verstrekken van richtlijnen met een bijbehorende financiering De werknemer kan zelf op de werkvloer heel wat verbeteringen doorvoeren zodat bepaalde spanningen afnemen, de beroepstaken vlotter worden uitgevoerd en men een hechte gemeenschap vormt. De werknemers en ook de werkgever moeten beseffen dat men het grootste deel van zijn leven op de werkvloer doorbrengt (40 à 45 jaar) en men daarom mag eisen dat deze lange periode in de beste omstandigheden verloopt.

 

Levensverwachting

Er zijn werknemers die door hun beroepstaken een negatieve invloed ondergaan op hun gezondheid. Men noemt dit beroepsziekte waaraan invaliditeit of vervroegd pensioen is gekoppeld. Niemand spreekt echter over de invloed van het beroepsleven op de levensverwachting. Er zijn veel werknemers die vroegtijdig sterven of al na enkele jaren dat ze met pensioen zijn. Veel werknemers verkorten hun leven doordat ze te lang onder druk hebben gestaan, geen arbeidsvreugde hebben genoten en het beroepsleven als een noodzakelijk verplichting hebben ervaren. Als men pleit om de werkdruk te doen afnemen is dat een goede zaak, maar absoluut onvoldoende. Het probleem moet in zijn totaliteit worden aangepakt. Gezonde voeding, meer beweging, stressbeheersing, zinvolle vrijetijdsbesteding en een positieve instelling vormen het fundament voor meer gezondheid en welzijn, zowel thuis als op het werk. Gezondheidseducatie is een afdoend middel om bewust te worden dat iedere werknemer aan zichzelf kan werken en zo beter bestand is tegen de werkdruk. Alleen van onderuit kan men de top veranderen.

 

Persoonlijkheidscoach

De werknemer heeft begeleiding nodig om aan zichzelf te werken. De vzw Europese Academie biedt een opleiding aan tot Persoonlijkheidscoach die werknemers zowel thuis als op de werkvloer begeleidt. De kern van ieder probleem ligt in de persoonlijkheid verscholen, daar moet de verbetering en de veranderingen optreden. Door een ruimere aanpak wordt de thuis-werk balans hersteld, is men beter bestand tegen de werkdruk zodat men spontaan initiatieven neemt om de werksfeer aangenamer te maken. Deze opleiding is gericht op de noden van het bedrijfsleven. Voor meer informatie surf naar: www.europeseacademie.be

10:59 Gepost door Jan Dries in Gezondheid, Stressbeheersing | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |